30/10/2012

PLAYBOY

 

Het woord sixpack is niet afdoende voor de torso van Graziano Pellè. Na zijn doelpunt in de wedstrijd tegen Ajax trok de Italiaanse spits zijn shirt uit en liep naar de Feyenoordfans. Toen hij zijn armen omhoog deed, telde ik niet zes, maar acht grote buikspieren.
Na afloop vertelde hij dat hij zijn bovenlijf ontblootte om zo meer vrouwelijke supporters naar het stadion te krijgen. Een aardige geste maar niet per se noodzakelijk. Alleen zijn hoofd al doet veel damesharten sneller kloppen, zo merk ik om me heen.
Pellé zou te mooi zijn om spits te zijn van Feyenoord. Zijn gezicht was te harmonieus om voetballer te zijn in het glamourloze Rotterdam-Zuid. Dat voorhoofd hoefde niet tegen een vieze bal te koppen. Dat kapsel mocht niet uit de plooi na een sliding.
Hebben ze in Rotterdam eindelijk een scorende playboy in de spits, is het weer niet goed.
Graziano. De klank van een chique merk. Overhemden van Graziano. Vulpennen van Graziano. Niet George Clooney moet espresso aanprijzen, Graziano is de geschikte man om met zijn lippen de crema uit het kopje naar binnen te slurpen.
Op de sportpagina van De Volkskrant vertelde Pellè afgelopen zaterdag dat het leven van een playboy hem niet tegenstond: “Als ik vrij ben na een wedstrijd, waarom zou ik dan niet mogen genieten van het leven.”
Zelf ben ik om een andere dan esthetische reden verguld met het bovenlijf van Pellè. Er is niemand op de Nederlandse velden die zoveel met zijn borst voetbalt als de Italiaan. Hij staat met zijn rug naar het vijandige doel, ziet een lange bal komen, kijkt ondertussen om zich heen en kaatst de bal met zijn torso naar een medespeler.
Harde ballen, roterende ballen, strakke ballen, keepersballen, inworpen; het maakt Pellé niet uit. Zijn borst en zijn eightpack vormen een harde muur van bot en vlees waar iedere bal goed van terugstuit.
In zijn tijd bij AZ in Alkmaar woonde Pellè in een groot huurhuis in het dorpje Sint-Pancras. Een van de vrije kamers was ingericht als krachthonk. Daar werkte Pellè urenlang aan de vorming van zijn mobiele kaatsmuur. Na het liften van halters liep hij naar de tuin om konijntjes te aaien. Hij had er op het laatst veertig rondlopen.
Tegen Ajax heb ik Pellè nauwelijks een speler zien passeren. Dat is niet zijn stijl. Hij is een meester in het staan en het wachten: een rechte rug, het ravenzwarte haar in geulen gekamd. Als hij wordt aangespeeld, doet hij een paar passen naar voren. Je hoort een dof geluid: de bal tegen de borst.
Verdedigers staan moedeloos achter hem, ze zijn niet in staat om in te grijpen. In de 89ste minuut komt de bal van de zijkant het strafschopgebied van Ajax ingevlogen. Pellè ziet de bal komen. Weer op die borst, denkt het stadion. Denkt ook de verdediger.
Pellè laat de bal op zijn bovenbeen landen, maakt een halve draai en schiet diagonaal schot onder de lat. Een weergaloos doelpunt.
Pellè is Feyenoords meest gewilde voetplaatje. Hij ontkleedt zich op het veld in de Feyenoordtraditie. Hij kaatst, hij maakt een bijzondere goal en is achteraf bescheiden. Er is niets mis met een knappe spits, vinden ze sinds gisteren in Rotterdam.
Zolang hij maar scoort.