19/08/2019

Geplette stoeltjes

Er was storm op komst. Aan de rand van het bos stond op een geel bord dat bezoekers moesten uitkijken voor vallende, dode takken. Ik reed onder de bomen en zag alleen twijgjes en bladeren over het rode asfalt vliegen. Hoe kijk je uit voor vallende takken? Met je hoofd in je nek fietsen is ook niet veilig. Het zou wel weer meevallen met de vernietigende kracht van de natuur.

Bij thuiskomst hoorde ik dat een deel van het dak van het AZ-stadion was ingestort, vermoedelijk door het onstuimige weer. Veel schade, geen gewonden. Er was op het moment niemand in het stadion.

Aanvankelijk verschenen er alleen foto’s als bewijs. Halverwege de lange Molenaar-tribune had het dak als een reuzenwafel honderden lege stoeltjes geplet. Er was niemand te bekennen, ik zag alleen maar materiaal; plaatwerk, zonnepanelen, verwrongen staal, kunststof.

Het deed denken aan de zooi op een stoep nadat iemand net zijn oude keuken heeft gesloopt. Je kunt je niet meer voorstellen dat zo’n treurige hoop werd gebruikt voor het koken van een ei of het boenen van een braadpan.

Was deze rotzooi het dak boven een tribune geweest?

Als ik met de auto langs het stadion in Alkmaar reed, meende ik dat er een moderne plek voor voetbalclub AZ was gebouwd. Een regionaal stadion, goed voor zo’n 17.000 mensen die naar dat mooie voetbal kwamen kijken.

Stadions zijn voor veel fans een tweede huiskamer, hun stamkroeg. Een vertrouwde plek vol emotie en verhalen. Het is niet voor niets dat de sloop van een oud stadion verzet oproept; je komt aan de ziel en de historie van een club.


Lees ook het interview met de hoofdconstructeur van het stadion van AZ
Bij binnenkomst zullen AZ-supporters tot voor dit weekend niet snel aan hun veiligheid hebben gedacht. Ze gingen op een stoeltje zitten en genoten van de flair van Stengs, de slidings van die ouwe Vlaar en de geniale grillen van Idrissi.

Er wordt inmiddels volop geïnspecteerd, onderzocht en gesuggereerd, op regionaal en landelijk niveau. Een foute constructie, bouten niet genoeg aangedraaid? In 2006 werd het stadion geopend. Dirk Scheringa was in die tijd voorzitter. Zijn eerste reactie na het zien van beelden: „Ik schrok me een hoedje.”

Lang geleden dat ik die uitdrukking hoorde. Je een hoedje schrikken. Die woorden komen uit de tijd dat doelpalen nog vierkant waren. En stadions droegen geen sponsornaam maar hadden een titel, zoals ‘De Alkmaarderhout’. Dat oude onderkomen van AZ stamde uit 1948 en lag verscholen in een stadspark.

Vanaf het veld keken betrokkenen naar het gapende gat dat in de tribune was geslagen. Veel zinnen begonnen met ‘wat als’.

Wat als er op dat moment een wedstrijd werd gespeeld.

Wat als het vak vol had gezeten.

Stadions lijken zo dood als een pier, opgetrokken uit levenloos materiaal. Maar ook zij bewegen mee in de tijd. Ze schudden, ze knarsen en heel soms laten ze luidkeels van zich horen. Zonder dat er een mens in de buurt is.